Marianne Sloot uit Makkinga doet met BIG Challenge mee aan Alpe d’HuZes
‘Blijf jezelf en kijk niet te ver vooruit’

Samen met haar man René runt Marianne (51) een melkveebedrijf in het Friese Makkinga. Ze houden 175 koeien en 95 stuks jongvee op ongeveer 100 hectare zandgrond. Gras en mais vormen de basis voor het rantsoen. Er wordt nog traditioneel gemolken, twee keer per dag in de melkstal van 2x11 koeien. „Gewoon ’s morgens en ’s avonds melken”, zegt Marianne. Zij doet alle hand- en spandiensten, verzorging van de kalveren en de administratie. „Ik kan melken, schudden en spring bij waar het nodig is”, aldus de Friese boerin. Ze groeide op een vleesveebedrijf op en werkte na haar studie aan de HAS in Dronten voor voerfabrikanten in Denemarken en Nederland. Na de geboorte van haar vierde kind ging ze thuis werken.
Bedrijfsopvolging
René en Marianne hebben vier zonen; Niels en Lars van 24, Björn (18) en Mark (13). „Waarschijnlijk hebben we drie opvolgers, dus we hebben nog een uitdaging”, lacht Marianne. Lars zit mee in de maatschap maar werkt nog vier ochtenden bij een andere melkveehouder. „We vinden het belangrijk om op een ander bedrijf ervaring op te doen”, zegt Marianne. Björn studeert mbo-veehouderij en melkt ook op een ander melkveebedrijf.
Gestegen overlevingskansen dankzij onderzoek
„In 2013, een half jaar na de geboorte van onze vierde zoon, voelde ik een knobbeltje. Ze dachten aan een ontsteking. Ik kreeg geen biopt hoewel ik erom vroeg. Mijn moeder had in 2008 borstkanker gehad maar ik werd naar huis gestuurd. Het voelde niet goed”, blikt Marianne terug. Een jaar later bleek het toch borstkanker te zijn. Er volgden chemo’s, een operatie en hormoontherapie.
In de herfst van 2024 kreeg Marianne klachten in haar nek en heup. Uitgezaaide borstkanker was het resultaat. „Weer chemo, samen met immuuntherapie, bestralingen en hormoonkuur”, zegt Marianne. Door onderzoek en ontwikkeling wordt er nu bestraald in combinatie met MRI. „Hierdoor heb ik met de bestraling in mijn nek geen beschadiging van mijn slokdarm opgelopen, waardoor de kwaliteit en kwantiteit van leven voor mij veel beter is.”
Elke drie weken krijgt ze nu immunotherapie via een infuus in het ziekenhuis in Drachten. „Een halve dag ziekenhuis, dan ben ik een dag van de wereld en daarna ben ik er weer. Je leert leven van scan naar scan”, zegt ze daar zelf over. Vanwege de chemo’s in 2014 is haar botdichtheid slecht. Elke maand spuit ze botversterkers.
Ondanks alles blijft ze opvallend nuchter onder haar ziekte. „Je kunt wel alleen maar bezig zijn met wat er misschien komt, maar daar schiet niemand iets mee op. We kijken gewoon per dag.” Het hoogst haalbare is dat haar situatie stabiel blijft. „Het is zoals het is", zegt ze nuchter.
'Opgeven is geen optie'
De impact op het gezin is groot, merkt ze. „Ik kreeg wel hulp maar mijn man, die ook veel meer moest doen binnen het bedrijf, niet.” De tweede keer waren de kinderen ouder maar dan nog is de impact groot. „Vaak vragen mensen hoe het met mij gaat, maar degene die er dicht omheen staan, hebben het wel zo zwaar en zij worden vaak vergeten. Dus vraag ook eens naar de mensen eromheen; "Hoe gaat het met jou?". Tegelijkertijd ziet ze ook hoe ziekte mensen dichter bij elkaar kan brengen. „Sommige mensen haken af, maar anderen staan juist ineens naast je.”
Wandelen op de Alp
Marianne noemt de overlevingskansen na borstkanker: in 2000 was dat 30 procent, in 2014 al 70 procent. „Dat is dankzij onderzoek en daarom doe ik mee met BIG Challenge om meer geld in te zamelen voor onderzoek naar kanker.”
Marianne doet mee aan BIG Challenge, de boeren en tuinders tegen kanker, het team dat elk jaar meedoet aan Alpe d’HuZes. Ze sloot aan bij team USRA van de HAS in Dronten. „Dat is mijn oude studentenverenging dus dat past prima.” Anders dan veel deelnemers stapt zij niet op de fiets, maar gaat ze wandelend de Alp op.
„Wandelen past beter bij mij. Fietsen lukt niet met mijn heup”, zegt ze. “En tegenwoordig doen steeds meer mensen dat. Het is allang niet meer alleen een fietsevenement.”
Ze bereidt zich serieus voor op de tocht. Zo liep ze het Pieterpad en deed mee aan de BIG Challenge trainingsdag in Milsbeek. Toch houdt ze haar doelbewust klein. „Als ik de eerste drie bochten haal, ben ik al tevreden. Je moet het stap voor stap bekijken.”
Die instelling helpt haar ook in het dagelijks leven. „Jezelf blijven en niet te ver vooruitkijken. Dag voor dag”, noemt ze het zelf.
Tijdens Alpe d’HuZes gaan René en de jongste zoon mee naar Frankrijk. Ondertussen draait het werk thuis op het bedrijf door. „De eerste snede zit gelukkig al in de bult en er blijven jongens thuis die het werk oppakken.”
Acties en betrokkenheid
De fondsenwerving voor BIG Challenge verliep boven verwachting goed. Marianne organiseerde een pubquiz in het dorpshuis. Via gesponsorde hapjes, acties en donaties uit hun netwerk haalde Marianne haar streefbedrag al op. „Je merkt hoeveel mensen willen meeleven. Het dorpshuis was afgeladen vol. Ook vrienden van de kinderen deden mee.”
Volgens Marianne zit juist daarin de kracht van BIG Challenge. „Iedereen begrijpt elkaar daar. Het maakt niet uit of je boer bent, patiënt bent of iemand verloren hebt aan kanker.”
Dat gevoel van saamhorigheid hoort volgens haar bij de agrarische sector. „Boeren helpen elkaar. Dat zie je nu ook weer.”
Op haar actiepagina voor Alpe d’HuZes schrijft Marianne dat ze meedoet omdat ze het nu nog kan en voor iedereen die met kanker te maken heeft gekregen. „Mijn motto is: Zolang je de ene voet voor de andere kunt zetten, kun je lopen.”
Volg BIG Challenge de komende week. Dinsdag 2 juni wordt de tussenstand bekend gemaakt. Woensdag is de Alpe d'HuZus en donderdag de Alpe d'HuZes. Doneren kan nog tot 1 oktober:


