Ook veehouder straks aansprakelijk voor foutieve mesttransporten

De wijzigingen zijn volgens het ministerie bedoeld om de naleving van de Meststoffenwet te verbeteren en daarmee ook de waterkwaliteit te verbeteren.
Een belangrijke wijziging is dat niet alleen de vervoerder, maar ook de leverancier en afnemer aansprakelijk worden voor een juiste melding van mesttransporten in het realtime Vervoersbewijs dierlijke meststoffen (rVDM). Het gaat daarbij niet alleen om het melden van het transport, maar ook om de juistheid van de vooraf ingevoerde gegevens. Leveranciers en afnemers moeten zich er volgens het ministerie actief van vergewissen dat de vervoerder de melding correct heeft gedaan. RVO biedt daarvoor de mogelijkheid om geplande transporten vooraf in het rVDM-systeem te controleren.
Wanneer mest wordt vervoerd zonder correcte melding, kunnen voortaan ook veehouders een bestuurlijke boete krijgen die kan oplopen tot maximaal 1.500 euro. Volgens het ministerie hebben leveranciers en afnemers een direct belang bij de aan- en afvoer van mest buiten de mestboekhouding en moeten zij daarom mede verantwoordelijk worden voor naleving van de regels. Met de wijziging wil LVVN ‘rijden zonder rVDM’ sterker ontmoedigen.
300 euro boete per foutief opgegeven perceel
Daarnaast wil het ministerie strenger optreden tegen landbouwers die percelen opgeven die zij feitelijk niet in gebruik hebben. Nu geldt vaak één boete van 300 euro, ongeacht het aantal foutief opgegeven percelen. In de nieuwe situatie kan die boete per perceel worden opgelegd. Daarmee kunnen de financiële gevolgen voor bedrijven met meerdere foutieve opgaven snel oplopen.
Volgens RVO ontstaat door onjuiste perceelsregistratie het risico dat bedrijven meer mest kunnen plaatsen dan toegestaan. Ook kunnen bedrijven daardoor onterecht extra mestplaatsingsruimte en subsidies verkrijgen. Het ministerie benadrukt wel dat landbouwers hiervoor in de praktijk geen extra gegevens hoeven aan te leveren, omdat perceelsgegevens nu al op perceelsniveau worden ingevuld via de Gecombineerde opgave.
Ook rond mestverwerkingsovereenkomsten scherpt het ministerie de sancties aan. Veehouders die een Driepartijenovereenkomst (DPO) of een Vervangende verwerkingsovereenkomst (VVO) niet, te laat of niet elektronisch indienen, riskeren straks een boete van 1.000 euro. Een VVO is een overeenkomst waarbij een andere veehouder de mestverwerkingsplicht overneemt. De huidige boetes liggen meestal tussen 100 en 300 euro.
Volgens het ministerie is tijdige registratie noodzakelijk om te controleren of bedrijven aan hun mestverwerkingsplicht voldoen en om zicht te houden op de druk op de mestmarkt. Zonder tijdige registratie zouden extra controles en onderzoeken nodig zijn.
RVO verwacht extra administratieve lasten
Volgens de toelichting veranderen de administratieve verplichtingen inhoudelijk nauwelijks, omdat veel gegevens nu al digitaal en op perceelsniveau worden aangeleverd. Wel verwacht RVO extra administratieve lasten doordat ondernemers zich moeten verdiepen in de nieuwe regels en extra controles moeten uitvoeren. De totale regeldruk voor de sector wordt geraamd op bijna 926.000 euro.
De wijzigingen moeten op 1 januari 2027 ingaan. De internetconsultatie loopt vooruit op uitvoerbaarheids- en handhavingstoetsen van onder meer RVO, NVWA en het Adviescollege Toetsing Regeldruk (ATR). Daardoor kunnen onderdelen van de voorstellen nog wijzigen.

