
“Alles wat de koe zelf opneemt, hoef je niet naar de stal te brengen”

Hoogwaardige voeding, lagere emissies
Volgens weide-expert Mark de Beer van Groeikracht zit de winst niet alleen in kostenbesparing. “Vers gras heeft de hoogste voederwaarde die je kunt voeren, zowel in energie als eiwitkwaliteit.” Die kwaliteit wordt bovendien efficiënt benut door de koe. Daarnaast heeft weidegang effect op emissies. “Je ziet doorgaans lagere emissies. De methaanuitstoot per kilogram melk ligt lager en bij weidegang daalt ook de ammoniakemissie.” Daarmee past het systeem goed binnen de huidige opgaven rondom klimaat en stikstof. Ook in de voerkosten zit winst. “Alles wat de koe zelf uit de wei haalt, hoef je niet te oogsten, in te kuilen of op te slaan. Dat scheelt kosten.” En doordat vers grasrijk is aan voedingsstoffen, kan het krachtvoerverbruik vaak omlaag.
Sturen op grasaanbod
Het succes van weidegang zit volgens Jennissen vooral in de uitvoering. In het voorjaar start hij op percelen met Italiaans raaigras, waar later andere gewassen op groeien. “Deze percelen zijn ingezaaid met Italiaans raaigras met een beetje Engels ertussen. Dat gebruiken we tot ongeveer half mei. Daarna schakelen we om naar de andere percelen, waar de koeien de rest van de zomer weiden. We geven de koeien elke dag een nieuw perceel van ongeveer 8.000 vierkante meter, Nieuw Nederlands weiden heet dat.” Jennissen vertelt dat door die aanpak de koeien continu vers gras aangeboden krijgen en de opname zo hoog blijft. Een belangrijk aandachtspunt daarbij is de kwaliteit van het perceel. Door tijdig te maaien, blijven de weides schoon en aantrekkelijk. Dat bepaalt in hoge mate hoeveel gras koeien daadwerkelijk opnemen.
Flexibel omgaan met omstandigheden
Weidegang vraagt om aanpassingsvermogen, zeker bij wisselende weers-omstandigheden. “Als het warm wordt, gaan koeien minder graag naar buiten. Dan schakelen we over op nachtweiden. Dat werkt beter voor de opname.” Ook in het rantsoen wordt bijgestuurd. “We voeren snijmais bij om het ureumgehalte op pijl te houden. Daarnaast gebruiken we eiwitrijke bijproducten en als het nodig is een eiwitrijke brok.” Zo blijft de productie op niveau, ook bij een hoog aandeel vers gras.
Begin bij de basis
Een onderdeel van de aanpak is de aandacht voor jongvee. Volgens Jennissen is dat essentieel. “Als je goed wilt weiden met melkkoeien, moeten ze het jong geleerd hebben.” Daarom gaat het jongvee al vroeg naar buiten. Ook later in het seizoen blijft dat belangrijk. “Jongvee dat in de zomer een jaar oud wordt, gaat ook nog naar buiten.” Daarmee wordt weidegang onderdeel van het natuurlijke gedrag van de dieren.
Slimme keuzes, groot effect
Mark De Beer geeft aansluitend een aantal tips: “Het helpt als je de koeien gretig naar buiten stuurt, dus nog wat ruimte laat in de pens voor het verse gras. Benut juist de huiskavels voor het weiden; hoe groter het beschikbare oppervlak, hoe makkelijker je een hoge grasopname realiseert.” Daarnaast is timing cruciaal. “Volg het bioritme van de koe; een koe vreet het meest in de ochtend- en avondschemer en daar ligt een mooie kans voor robotmelkers. Als je daar je beweiding op afstemt, haal je meer uit je gras.”
Bekijk hier de video met melkveehouder Wim Jennissen
Melkveehouder en lid van FrieslandCampina Bram Romme gaat bij collega-melkveehouders op pad om de Foqus 5 te ontdekken; vijf maatregelen die de potentie hebben voor een hogere Foqus planet-toeslag. De maatregelen dragen alle vijf bij aan een efficiëntere bedrijfsvoering én leveren economisch resultaat op.


