
SFR-onderzoek: grote voederwaardesprong bij moderne grasrassen

Het moeilijke bij gras is dat elk ras zijn eigen doorschietdatum heeft, wat van grote invloed is op de voederwaarde. Gras verandert qua voedingswaarde naarmate het ouder wordt. De verhouding tussen energie, suiker, eiwit en vezels verschuift snel, vooral rond het maaien. Een paar dagen verschil in oogst kan al een groot effect hebben.

Ruim 30 VEM meer
Onderzoekers van de Schothorst in Lelystad hebben in twee proefvakken nauwlettend de VEM-waarden van verschillende grassnedes gemeten. Daarbij is de allernieuwste tetraploïde grasgenetica (Astrian en Melsago) vergeleken met een BG3-referentieweide bestaande uit 100% diploïd Engels raaigras. Bij het inkuilen bleek dat de moderne rassen ruim 30 VEM per kilo drogestof méér bevatten. In een aansluitende voerproef is in het voorjaar van 2025 onderzocht wat hiervan het effect is op voerinname en melkopbrengst.
Meer voeropname, meer melk
Na drie weken gelijk rantsoen begon de zesweekse testfase. Veertien vergelijkbare koppels koeien – zorgvuldig gematcht op leeftijd en productie – kregen elk een ander type graskuil: de ene BG3, de andere het LG‑mengsel met Astrian en Melsago.
Resultaten voerproef*
* Gewicht en conditie bleven tijdens het experiment stabiel, dus zijn niet beïnvloed door het rantsoen.

Onderzoeker Ivonne Kok: “De koeien vraten het nieuwe tetraploïde gras liever. Het bevat meer suiker, minder celwanden en is daardoor smakelijker en beter verteerbaar. Dat zie je terug in de hogere drogestofopname van gemiddeld 1,1 kilo per dag over de hele proefperiode. En dat werkt weer door in de melkproductie die gemiddeld een kilo melk per koe/dag hoger was.
Andere interessante constateringen waren de hogere vet- en eiwitgrammenproductie en het lagere ureumgehalte in de melk van koeien die het LG-rantsoen voorgeschoteld hadden gekregen.
Waarom tetraploïd gras beter presteert
Moderne tetraploïde Engels raaigrasrassen zoals Astrian en Melsago hebben:
- minder celwanden → sneller kauwen, makkelijker verteren
- meer suiker → hogere smakelijkheid
- hogere verteerbaarheid → efficiëntere eiwitbenutting
- betere conservering → meer melkzuur en azijnzuur, minder broei
Theo Courtz: ‘Astrian en Melsago standaard in Havera 1 en 4’
Volgens Theo Courtz, productmanager bij Limagrain, is dit precies waar melkveehouders behoefte aan hebben: “Gras moet goed verteerbaar zijn, met een uitgebalanceerde verhouding tussen eiwit en celstof. Met sterke genetica kun je bij graslandvernieuwing dus echt grote stappen zetten.”
Met Astrian en Melsago doen twee rassen hun intrede die niet alleen uitblinken in opbrengst – beide halen ruim boven de 10 ton drogestof per hectare – maar dus ook in voederwaardekwaliteit. Dat is precies de reden waarom ze vanaf dit voorjaar standaard zijn opgenomen in de samenstellingen van onze hoogproductieve graslandmengsels Havera 1 en Havera 4.
Tekst: Limagrain Nederland BV





