Home » Fokkerij » Fokwaarden » Selectie op melkproductie doet aantal zoolzweren toenemen

Selectie op melkproductie doet aantal zoolzweren toenemen

Geplaatst op vrijdag 11-09-2015

Door het fokken van dieren die minder vatbaar zijn voor zoolzweren, kan het probleem teruggedrongen worden. Dit duurt echter lang en daarbij moet concessie worden gedaan aan de melkproductie. Wanneer alleen wordt geselecteerd op melkproductie, neemt het percentage koeien met zoolzweer toe met twee procent per tien jaar. Dit concludeert Dianne van der Spek, promovendus aan de Wageningen Universiteit.

Van der Spek kreeg de gegevens van veel Holsteins die geregeld werden bekapt. Bij die koeien beoordeelden de klauwbekappers de gezondheid van de klauwen. Die gegevens koppelde Van der Spek aan de stamboekgegevens waardoor ze kon berekenen welk deel van de klauwgezondheid erfelijk was.

Voor zes belangrijke klauwaandoeningen vond ze een erfelijkheidsgraad van tussen de twee en 14 procent. „Dat is een laag percentage. Ook omgevingsfactoren, zoals de diervoeding en de stalvloer, hebben invloed op de klauwgezondheid”, stelt Van der Spek.

Kostenpost

Door de lage erfelijkheidsgraad kost het veel tijd om de klauwgezondheid langs genetische weg te verbeteren. Door stieren te selecteren die minder zoolzweer vererven aan hun dochters, kan een toename in zoolzweer worden voorkomen of zelfs teruggedrongen.

En dat is interessant voor de melkveehouders, want klauwproblemen vormen een grote kostenpost en welzijnskwestie. Van der Spek: „Boeren willen er dus graag wat aan doen. In de praktijk kan dat ook, want de fokkerijbedrijven geven inmiddels met een fokwaarde aan hoe hun stieren presteren op het gebied van klauwgezondheid.”

Lagere productie

Toch zit er ook een prijskaartje aan het selecteren op klauwgezondheid; de melkgift van de koeien vermindert. Als de melkveehouders de groei van zoolzweer willen stoppen, kost ze dat melkproductie, om precies te zijn 1,92 kilo melkeiwit per koe na tien jaar. De zoolzweer terugdringen kost nog meer productie.

Melkveehouders hebben echter nog een manier om de klauwaandoeningen via fokkerij terug te dringen. Ze kunnen ook kiezen voor stieren waarvan de dochters minder vaak bekapt hoeven te worden. Van der Spek berekende een erfelijkheidsgraad van 9 procent voor bekapbehoefte en dit geeft aan dat de behoefte voor bekappen ook een genetische aanleg heeft. Er is al een nieuwe fokwaarde voor bekapbehoefte van stieren.

Tekst: Resource/ Sjouke Jacobsen
Beeld: Ingrid Zieverink

Reacties

Kennispartner artikelen
Behaal winst uit uw jongveeopfok
Waar kunt u uw jongveeopfok nog verbeteren?Wilt u snel inzicht in uw jongveeopfok en tegelijkertijd praktische tips en adviezen... Lees meer »
advertentie
Melkvee.nl nieuwsbrief
Ontvang drie keer per week gratis het belangrijkste melkveenieuws in uw mailbox. Schrijf u nu in en u ontvangt de eerstvolgende nieuwsbrief automatisch.
Kennispartners
Krijg meer nieuws, achtergrond, productinformatie, handige tips en tools van een kennispartner door een klik op het logo.
LG MSD Animal Health Nederland AgruniekRijnvallei Lely Nederland DSV Zaden Boehringer Ingelheim AgroVision Alfa Accountants en Adviseurs
Kennispartner artikelen
advertentie
 
Melkvee.nl highlights

Video: nieuwe stal familie Klaver voor 400 koeien

De familie Klaver uit Winkel (NH) heeft de volledige keten in eigen beheer. Ze melken 400 koeien,...
 

‘Voerwinst per hectare belangrijker dan productie per koe’

Het focussen op een hogere voerwinst per hectare levert een veehouder uiteindelijk meer op dan het...
 

FrieslandCampina kondigt melkaanbodregeling aan

Mocht het melkaanbod volgend jaar groter zijn dan de verwerkingscapaciteit, dan kan...
 

NMV: sector kan mestprobleem niet zelf oplossen

De Nederlandse Melkveehouders Vakbond (NMV) maakt zich zorgen over de aanpak van het...
 

Traditionele voermengwagen Strautmann kan ook volledig autonoom voeren

Op de Agritechnica in Hannover (D) presenteert Strautmann een zelfrijdende voermengwagen. Het...